Betreft: Wetsvoorstel Studievoorschot Hoger Onderwijs

Geachte leden van de Eerste Kamer,

Middels deze brief willen wij, Lijst Calimero, uw aandacht vragen voor een situatie die zich voordoet, indien het wetsvoorstel studievoorschot wordt ingevoerd. Dit baart ons ernstige zorgen, omdat wij als grootste partij de belangen van studenten in de universiteitsraad van de Rijksuniversiteit Groningen behartigen en een groot deel van de Groningse studenten door de invoering van het studievoorschot in de problemen dreigt te raken.

Sinds vrijdag 21 november is via de website van DUO een test te doen, die per situatie uitwijst of de betreffende student nog recht heeft op de basisbeurs (https://duo.nl/particulieren/studievoorschot/test.asp). Bij het invullen van deze test komen veel studenten nu voor een onaangename verassing te staan, waar ze eerder nog niet van op de hoogte waren; wie invult volgend jaar aan het vierde jaar van de bachelor te beginnen, krijgt het volgende antwoord:

“Per september 2015 val je vanaf je 37e maand met studiefinanciering onder het nieuwe stelsel. Dit betekent dat je dan geen basisbeurs meer krijgt. Ook je masteropleiding volg je onder het nieuwe stelsel.”

Voor veel studenten is dit een grote schok. In de huidige situatie, zonder invoering van het wetsvoorstel studievoorschot, hebben studenten recht op vier jaar basisbeurs; drie voor de nominale studieduur van de bachelor, en een voor de nominale studieduur van de master. Als studenten echter een jaar langer dan nominaal over hun bachelor doen, kunnen ze al in hun vierde bachelorjaar de basisbeurs voor de master ontvangen. In het nieuwe stelsel valt voor de master deze financiering weg, net als voor de nieuwe studenten. Gevolg hiervan is dus ook dat huidige studenten geen recht hebben op dit vierde jaar basisbeurs.

Tot nu toe is dit echter niet gecommuniceerd naar huidige bachelor studenten. Steeds werd door minister Bussemaker herhaald dat voor huidige studenten niets verandert, tenzij ze aan een nieuwe studie (of een vervolg in de zin van een master) beginnen. Wij vinden het heel kwalijk dat dit niet eerder is gecommuniceerd naar huidige studenten, juist omdat dit ook op hen een grote impact heeft. Studenten die immers al een studieplanning hebben gemaakt, gebaseerd op die vier jaar financiering, zijn inmiddels niet meer in staat die planning aan te passen. Zo zijn ze bijvoorbeeld al in het buitenland geweest, hebben al een bestuursjaar bij een vereniging gedaan, of doen dat dit jaar. Deze studenten lopen ongeveer €3000 aan studiefinanciering mis, waar ze vanaf het begin van hun studie wel rekening mee hebben gehouden, en ook redelijkerwijs rekening mee konden houden. Tijdens het spel zijn voor deze groep studenten, bestaande uit huidige eerste-, tweede- en derdejaars studenten, de spelregels veranderd. Voor deze studenten levert dit (financiële) problemen op en voornamelijk de derdejaars studenten hebben het gevoel schaakmat te staan.

Ministers Bussemaker is dan ook ernstig tekortgeschoten in de voorlichting op dit punt; het lijkt alsof het bewust is verzwegen. Zowel door landelijke media als landelijke studentenorganisaties is dit niet opgemerkt, ondanks de grote impact voor huidige studenten. We beseffen dat het wetsvoorstel al is aangenomen door de Tweede Kamer, maar vandaar deze brief aan u. We roepen u op om bovenstaande situatie mee te nemen in uw overweging bij de stemming over dit wetsvoorstel en hopen dat deze groep studenten niet alsnog de dupe wordt van een leenstelsel waaraan zij wel moeten meebetalen maar waarvan zij niet de vruchten kunnen plukken.

Met vriendelijke groet,

De 10e fractie van Lijst Calimero,

Bernadette van der Blij
Lieke Wouterse
Rowanne Degenhart
Wybrand van der Meulen
Anke Höften
Loes Kreijtz